Deze norm legt vereisten vast voor kleding, die tot doel heeft de aanwezigheid van de gebruiker visueel te benadrukken om hem meer te laten opvallen in gevaarlijke situaties, zowel bij dag als bij nacht (belichting door koplampen van wagens). De achtergrond, het fluorescerende materiaal, is toegestaan in de kleuren oranje, geel en rood. De kleurcoördinaten en de luminantiefactor moeten binnen bepaalde grenzen vallen (voor en na belichting). Tevens worden er eisen gesteld aan de diverse kleurechtheden van zowel de fluorescerende kleuren als de contrastkleuren.
Naast het pictogram staan twee waarden gegeven, X en Y. De X waarde geeft de klasse van het artikel weer. Deze is afhankelijk van het oppervlak fluorescerend en reflecterend materiaal, waarbij 3 de hoogste klasse is. De Y waarde geeft de kwaliteit van de reflectieband aan, waarbij 2 de hoogste klasse is. Naast de oppervlakte zijn er ook specifieke voorschriften vastgelegd m.b.t. de plaatsing van het fluorescerend en reflecterend materiaal, zoals het omsnoeren van de romp, de mouwen en de pijpen.